Biografie

Ad den Besten (toetsen):

…tja…hoe word je gegrepen door muziek ? Ik denk dat dat een heel herkenbaar verhaal wordt net als dat van 98% van alle andere muzikanten. Bijna allemaal hebben ze een trigger gehad om ook muziek te gaan maken. Vaak door een bepaalde geweldige muzikant die ons subtiel het muzikale pad op dirigeerden. 12 jaar moet ik geweest zijn in 1967.

Op vakantie met pa en moe naar een pension in Harderwijk! Een hele onderneming was dat toen. Lopend naast m’n vader over de boulevard hoorde ik jukeboxgeluiden uit cafetaria’s en kroegen knallen.  En ja hoor, daar kwam Adjes’ trigger voorbij:

A Whiter shade of Pale van Procol Harum…ik hoorde de rochelende Hammond en Leslie van meneer Fisher, de toetsenman. WOW!! Daar werd Adje heel erg opgewonden van! Wat een sound, dat wil ik óók, ik was acuut besmet door het virale Hammonditis. Ik was meteen rijp voor een Hammond vond ikzelf…Pa niet, ik moest eerst maar eens op blokfluitles om noten te leren was het advies van de plaatselijke muziekschool.

 

Wat een dikke ellende; elke woensdagmiddag muziekles in een zaaltje van de plaatselijke fanfare, afgehuurd door de Hoekse Waardse muziekschool. Zat je een uur lang met zo’n dikke splinter in je broodmolen. Steevast hield ik dat ding verkeerd vast, lekker dwars doen om er onderuit te komen. Omdat de gaatjes in die fluit door het foute vasthouden ‘verkeerdom’ zaten lukte het natuurlijk niet om er een geluid uit te krijgen zoals het hoorde te klinken. Omdat ik het verdomde om dat ding goed vast te leren houden kwam die leraar met een aangepaste (linkshandige) blokfluit aankakken!! Die vent had gewoon voor de pink een gat aan de andere kant geboord en de oorspronkelijke dichtge-plamuurd… Om kort te gaan; ik heb dit niet lang volgehouden en bleef maar aan m’n vaders knar ouwehoeren (dat kan ik ranzig goed) om toch maar eens aan een toetsen-instrument te denken. En ja hoor, bij muziekhandel Johan de Heer aan den Rotterdamsche (let op de spelling) Oostzeedijk werd het instrument gevonden (was nog geen Hammond, maar een Solina…) en werd er muziekles geregeld. Adje kreeg z’n eerste les op z’n 12e van Henk G. van Putten, die inmiddels een icoon geworden is in de klassieke muziekwereld. Je begrijpt het al: ik kreeg geen les in rock of pop, neenee, neenee, neenee, het werden études van Bach, Pachelbel, Grison en Buxtehude. Notenvreten moest er gedaan worden!! Een jaar later werd ik gevraagd om zo af en toe eens in te vallen voor de kerkorganist die in militaire dienst moest. Binnen de kortste keren werd ik daar de vaste psalmenmachine. Dat ging zo een paar jaar door. Ik had voor de zondag een groenkleurig pak, wat de rechtstreekse oorzaak is van mijn hartgrondige hekel aan de kleur groen. Je zal mij nooit en te nimmer met een groen kledingstuk of iets groens in mijn huis zien. Traumatisch dus.....

Werd 16 jaar en daarmee ging m’n stapperiode van start.

Op stap met m’n maatjes Chris, Rob en Klaas op m’n 2e hands Puch met zweefzadel en een enorm hoog U-stuur. Ik kon er amper bij en zat helemaal niet lekker, maar dat donderde niet. Zo diep mogelijk in je legerjas wegduiken om je haar wat langer te laten lijken. Lekker op zaterdag bandjes kijken in zalen met namen als “Concordia”,  “het verenigings-gebouw”, “de Horrekijker” of in sporthallen. Daar kwamen de nodige alcoholische versnaperingen aan te pas en het gevolg hiervan was dat ik op de zondagmorgen nog half beneveld psalmen zat te pompen in de kerk, dat voelde niet fijn, maar heb dat nog wel een tijd volgehouden om de lieve vrede in huize Den Besten te bewaren. (een goed verstaander heeft hier genoeg aan een half woord…)

Maar goed, stappen kost geld en een pick-up ook (zo heette zo’n ding toen jongelui !)

Van m’n eerste geld, gegenereerd door vakantiewerk bij Koen Visser kocht ik een pick-up en mijn eerste plaat was Billion Dollar Babies van  Alice Cooper, nou daar was pa niet blij mee en dat voelde best prettig….. “reetharenmuziek” zei hij altijd. Led Zeppelin volgde al snel, alsmede LA Woman van the Doors. “Ik ga naar het dorp een LP kopen” zei ik tegen pa toen ik m’n jas aantrok. “Alwéér een LP erbij? Je hébt er toch al 4? Je kunt beter je geld op een spaarrekening zetten voor later!” Puchie starten en wegwezen, dacht ik. Ik kwam terug met Sticky Fingers……heb ‘em maar niet aan m’n moeder laten zien. Maar mijn God, wát een muziek, Moonlight Mile, Brown Sugar en de goddelijke orgelpartij, gespeeld op de Hammond B3 door Billy Preston in I got the Blues en mijn favoriete stonesnummer Dead Flowers. Overigens is de Hammond B3 de absolute top! De Ferrari onder de Hammonds en de natte droom van elke Hammondliefhebber. Ik heb 48 jaar moeten wachten tot ik er eindelijk één in mijn woonkamer had staan, met uiteraard een echte buizenleslie.

Hij is niet meer weg te denken en elke zichzelf respecterende band sleept er steevast één mee naar de podia. Ook Chuck Leavell heeft er één.  Enniewee, letterlijk kapotgedraaid heb ik die Fingers-schijf en heb daardoor een tweede exemplaar moeten kopen. Regelmatig werd vanuit de meterkast de zekering van mijn zolderkamer losgedraaid om die reet-harenmuziek tot stoppen te dwingen….zéér irritrea was dat. WOEST werd ik dan he!

Op een dag leerde ik een drummer kennen die mij wel in z’n bandje wilde (Limousine heette die band toen) Trots vertelde ik dat aan Pa, maar zeer snel werd duidelijk dat in bandjes spelen niet een logisch gevolg was van mij op muziekles te laten gaan…..“daar komt NIX VAN IN: allemaal narigheid, sex, verdovende druks en rok en rol! Da’s nix voor jou jongen….” …Shit…(dat woord kende ik toen nog laaaang niet, maar dácht het wel….) Maar ja, je wordt ouder en het bloed kruipt waar het niet gaan kan en ik kwam tóch in m’n eerste bandje terecht: Blues DeLuxe, daarna volgde Vivace, Outloud, port-Q, Straight-up, The Roxx BULLUK en zwierf daarbuiten nog wat in bandjes rond die te kort bestonden om er een naam voor te verzinnen, totdat ik UNDERCOVER een superoptreden zag weggeven in het Utregse Stairway to Heaven (wat zou ik graag met Undercover daar ooit eens spelen)  Seau! Dit waren jongens die niet zomaar een Stonesnummertje stonden na te spelen, maar erin slaagden om de Stones-vibe neer te zetten zoals de Stones dat nu zélf niet eens meer kunnen…

Thuisgekomen werd er gegoogled naar Undercover en las op hun site dat de boys op korte termijn een toetsenist zochten, want Cris zou vertrekken. Zal ik het erop wagen? Zou ik het kunnen om wat aan hun sound toe te voegen? Ik aarzelde, maar tijdens hun volgende optreden in café v/d Wal in Schiedam heb ik de stoute schoenen aangetrokken en tussen 2 sets contact gezocht met Charlie-Paul van Gelderen-Watts. Kortom, afspraak gemaakt om enige tijd later auditie te doen in hun oefenruimte en zie……ik ben er nog steeds, ik weet niet eens of ik mag blijven… Het bevalt me uitstekend in deze band, heerlijke gasten, retegoeie en zeer gedreven muzikanten waar ook nog eens de lol aanstekelijk van afstraalt. Hoop nog heel lang met die gasten te kunnen en mogen spelen.

Voor wie het leuk vindt:

Ad speelt op:

- Hammond XK-3 (de B3 en Leslie 122 staat thuis……)  

- Leslie type 145, bouwjaar 1967 (Electro harmonix              - 6550 buizen)

- Leslievoorversterker  Speakeasy Vintage Music

- Roland Fantom S88

- Korg M1

- Shure SM57 mic’s

- Yamaha CP1 stage piano

- Roland KC880 keyboard versterker/monitor

- Roland Sonic Cell soundmodule.